Peter Kroezenga: “Oude liefde roest niet”

Naarmate je wat meer op leeftijd raakt, is de kans groot dat je wat vaker terugkijkt op je loopbaan als voetballer. Hoogte- en dieptepunten, blessures, doelpunten, alles zal op een gegeven moment de revue weer passeren. Helaas geldt dit ook voor mij: ik realiseer me dat ik er nogal moeite mee heb dat ik ook op leeftijd raak, want er is inmiddels een magische grens in zicht. Maar goed, terugdraaien kunnen we het immers ook niet.

Als 17-jarig snotjong maakte ik voor het eerst mijn opwachting in GKC 1. Op dat moment nog jeugdspeler bij het combinatieteam Gasselternijveen / GKC, werd ik gebeld door trainer Wim Bouwman. Na een middagje koffie drinken bij de trainer thuis, kwam er witte rook door de schoorsteen. Veel tijd om me voor te bereiden had ik niet, de eerste bekerwedstrijd stond immers voor de deur. Tegen Kielwindeweer (in de volksmond ook wel Kielwintnietweer genoemd) speelde ik mijn eerste wedstrijd, we wonnen met 7-0 en gelukkig had ik niks te doen, want de keeperhandschoenen van maatje 7 waren direct aan vervanging toe. “Het heeft direct effect hè, zo’n nieuwe keeper, gewoon de nul gehouden!”, riep de toenmalige aanvoerder in de kleedkamer. Die grote mond werd afgestraft, want twee dagen later moest ik na één minuut al vissen.

Na drie seizoenen GKC werd het tijd voor een avontuur, hier moest wel wat onenigheid met de toenmalige trainer aan te pas komen trouwens. Wim Bouwman, inmiddels trainer van Valthermond-zaterdag, zag zijn kans schoon en de transfer was afgerond. Helaas moet ik zeggen dat ik weinig plezier heb beleeft aan deze tijd, met name de relatie met de regionale pers liep erg stroef. In het plakboek wat mijn moeder in beheer heeft, lees ik af en toe nog eens wat verslagen. De hete kroketten, polletjes en houdbare ballen vliegen me elke keer weer om de oren.

Dus maar weer terug naar het oude nest: GKC. Het mooie was dat we hier wel geschiedenis schreven door twee keer achter elkaar te promoveren. Bij het kampioensfeest in 2009 kan ik me nog herinneren dat ze vergeten waren om de speakers rond het veld uit te doen. Gevolg was dat de hele omgeving tot ochtendgloren kon meegenieten van mooie plaatjes. Inmiddels in de vierde klasse beland, werd het op sportief vlak kommer en kwel. Opeenvolgend gedegradeerd en laatste geworden in de vijfde klasse. Het gevoel van winnen en plezier was volkomen verdwenen. De gedrevenheid die in mij schuilde kon geen uitgang meer vinden en ik vond mezelf genoodzaakt om ergens anders te gaan keepen.

Na een paar proeftrainingen viel de keus op Gasselternijveen. Hoe gevoelig dit bij GKC ook ligt: ik heb er geen spijt van gehad, ondanks dat ik nog regelmatig rood-witte opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd krijg. Na twee seizoenen Nieveen, komt er voorlopig een einde aan mijn keeperscarriere. Een eer vond ik het om ook voor deze vereniging te spelen, zeker in de laatste wedstrijden als aanvoerder en ondanks de degradatie.

Nu, als voetballer van GKC 2 en Madjoe 9, heb ik vooral plezier, maar de gedrevenheid blijft voor altijd, ben ik bang. In mijn voetbaltas heb ik nog altijd een paar keeperhandschoenen in geval van nood. “Die kun je nu wel weggooien toch?”, hoor ik dan. Maar ik kan er nog geen afscheid van nemen…

  • Show Comments (0)

Je emailadres wordt niet gepubliceerd. Benodigde velden zijn gemarkeerd met *

Reactie *

  • naam *

  • email *

  • website

You May Also Like

René Nijgh: “De metamorfose”

Als ik terugkijk naar mijn tijd als voetballer, kan ik wel concluderen dat ik ...

Jordi Nijgh: “Een flirt met de overkant”

Vorig jaar schreef collega Arie Weits een column over een gedwongen samenwerking van verenigingen ...

Column: De aandoenlijke voorbereiding

Een column over de aandoenlijke voorbereiding, geschreven door Gijs Klompmaker.